Herdenken en vieren in 2015

15. dec, 2015

in: WO2Actueel.nl http://bit.ly/1lMHqLl 

Airborne Museum Hartenstein maakt nog steeds reclame voor de mythe ‘slag om Arnhem’. Het behoort inmiddels te weten dat lichtbewapende luchtlandingstroepen geen slag konden leveren met een zwaarbewapende tegenstander. Het behoort ook te weten dat Arnhem geen doel van luchtlandingsoperatie Market ten noorden van de Neder-Rijn was.

Hartenstein was bovendien niet alleen Brits hoofdkwartier tijdens de offensieve strijd ten westen van en in Arnhem. Het was dat ook van 19 tot 26 september 1944 toen de Britten zich rond Hartenstein verdedigden. Deze defensieve fase in de strijd in Oosterbeek kan men onmogelijk bestempelen als ‘slag om Arnhem’.

Het wordt tijd dat het museum uitlegt welk gevecht de term ‘slag' verdient en dat die 'slag' werkelijk 'om Arnhem’ ging.

Aan de Rijnkade in Arnhem komt een nieuw informatiecentrum over de  Slag om Arnhem. Dat vervangt 1 juli 2016 het kleine informatiecentrum bij de brug. Het gratis toegankelijke Paviljoen Slag om Arnhem wordt gevuld door Airborne Museum Hartenstein. Bezoekers kunnen voorwerpen bekijken en naar verhalen luisteren die te maken hebben met de John Frostbrug. Ze kunnen zich bovendien wanen in de gevechten tussen Britse en Duitse troepen in een driedimensionale filmpresentatie. Centraal daarin staan de landingen van de parachutisten, de opmars naar de brug, de strijd om de brug en de mislukking van de operatie. Het Airborne Museum verspreidt echter nog steeds de mythen van de Rijnbrug als belangrijkste doel en epicentrum van die slag en als een brug te ver. Het spreekt over de brug alsof de Britten de hele brugoverspanning in bezit hadden en niet slechts de noordelijke toegangsweg onder vuur konden houden. Het informatiecentrum ‘Slag om Arnhem’ bij de Rijnbrug beweert zelfs dat de Rijnbrug het einddoel van operatie Market Garden was. Het vertaalt Battle of Arnhem als ‘Slag om Arnhem’. Het laat zelfs Poolse luchtlandingstroepen in Arnhem strijden om de brug te veroveren. Het Airborne Museum vertelt ook de mythen ‘verwoestende slag om Arnhem’; ‘slag om de Rijnbrug’; alle luchtlandingstroepen moesten naar de verkeersbrug; en de brug bleek een ‘brug te ver’; zonder aan te geven waaruit en voor wie dat bleek. Het beperkt zich bovendien tot parachutisten en 'parachutistengeneraal' Urquhart en heeft dus geen oog voor de zweefvliegeenheden (De Gelderlander, 4 januari 2016).

Niet de Rijnbrug was echter een brug te ver, maar de gestelde doelen waren een brug te ver. Operatie Market Garden was een brug te ver voor Montgomery. Vestiging van een sterk bruggenhoofd op de Veluwe was een brug te ver voor het Britse Tweede Leger. Vorming van een bruggenhoofd met ten minste een van de drie oeververbindingen tussen de Westerbouwing en de spoorbrug bij Westervoort was een brug te ver voor de 1ste Britse Luchtlandingsdivisie.

Aan de Rijnkade komt ook een auditorium. Er is ook informatie over wat er verder in de stad te doen is. Het huidige informatiecentrum trekt jaarlijks 17.000 bezoekers. Dit aantal moet met de komst van het nieuwe paviljoen stijgen naar 25.000 bezoekers. Daar gaat het dus om. Het doel is meer bezoekers. Typerend voor het oorlogs-, bevrijdings- en herdenkingstoerisme.

Het informatiepaneel bij de Hemelse Berg in Oosterbeek bevat helaas een aantal onjuistheden. De kop ‘Slag om Arnhem Operation Market Garden’ wekt de indruk dat genoemde slag hetzelfde is als operatie Market Garden. Battle of Arnhem is bovendien niet slag om Arnhem, maar strijd bij en in Arnhem. Slag om Arnhem (Battle for Arnhem) is een hardnekkige mythe. Luchtlandingsoperatie Market ten noorden van de Neder-Rijn was 19 september 1944 al mislukt. In Oosterbeek konden luchtlandingstroepen vanuit hun defensieve posities werkelijk geen strijd om Arnhem leveren. Ze konden zelfs de Westerbouwing niet heroveren.

Gerelateerde artikelen:

Slag om Arnhem, een (on)bewuste geschiedvervalsing - via: @historiek http://historiek.net/slag-om-arnhem-een-onbewuste-geschiedvervalsing/53989/ …

- Slag om Arnhem, een (on)bewuste geschiedvalsing,  http://www.kritischhistoricus.nl/421312878

 

11. dec, 2015

Battlefield Tours Arnhem gelooft net als veel andere slagveldgidsen nog in een slag om Arnhem. BttlFldTourArnhem44 wil daarvan voornamelijk de Duitse kant tonen. De centrale vraag is hoe de Duitsers erin slaagden de 1ste Britse Luchtlandingsdivisie en de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade ‘in en rond Arnhem’ te verslaan. De geallieerden bevonden zich echter niet rond maar vooral in en ten westen van Arnhem. 

De 1ste Britse Luchtlandingsdivisie hield na de gevechten op te bestaan. Die was volledig verslagen. Operatie Market ten noorden van de Neder-Rijn was al binnen twee dagen mislukt. Dinsdag 19 september trok generaal Urquhart zijn troepen terug naar terrein rond hotel Hartenstein waar ze defensieve posities innamen. De Poolse parachutisten streden niet in en bij Arnhem, maar in de sector Driel-Oosterbeek. Zij landden bij Driel en probeerden de Neder-Rijn over te steken om de Britten te versterken. Maandag 25 september 1944 moesten Britten (niet alleen Engelsen)  en een 75-tal Polen over de rivier evacueren naar Nijmegen en vervolgens naar het Verenigd Koninkrijk. De 1ste Poolse Parachutistenbrigade was niet verslagen.  Die werd onmiddellijk ingezet bij de bewaking van bruggen en de verdediging van de Corridor. 

Waardoor verloren de Britten ten noorden van de Neder-Rijn? Lichtbewapende luchtlandingstroepen zonder ondersteuning konden geen slag leveren met een zwaarbewapende tegenstander met steun van voertuigen, zware wapens, tanks en vliegtuigen. Arnhem was geen doel. Een slag om Arnhem is dan ook een mythe. De Poolse parachutisten in Driel verloren niet. Zij voerden hun taak uit om de Britse verdedigers rond Hartenstein te versterken. 

Niet de Rijnbrug was een brug te ver, maar de gestelde doelen waren een brug te ver. Operatie Market Garden was een brug te ver voor Montgomery. Vestiging van een sterk bruggenhoofd op de Veluwe was een brug te ver voor het Britse Tweede Leger. Vorming van een bruggenhoofd met ten minste een van de drie oeververbindingen tussen de Westerbouwing en de spoorbrug bij Westervoort was een brug te ver voor de 1ste Britse Luchtlandingsdivisie. 

Battlefield Tours Arnhem (Dirk Hoekendijk) beoogt ‘het uitdragen van de militaire historie rond Arnhem’ door het verzorgen van slagveldlandingen (battlefieldtours) en presentaties; vooral vanuit Duits perspectief. Slagvelden ten noorden van de Neder-Rijn zijn echter ook een mythe. 

Overigens omvatte de Rijn-IJssellinie tijdens de Koude Oorlog meer dan de verdedigingswerken in de polder Meinerswijk. Denk bijvoorbeeld maar aan de defensiedijk tussen Elden en de Waal en de verdedigingswerken langs de IJssel. 

Met zijn opmerkingen slaat Hoekendijk de plank volkomen mis. Hij vertelt het gemythologiseerde verhaal van de zogenaamde ‘slag om Arnhem’. Hij voegt daaraan de mythe toe dat ook de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade door de Duitsers verslagen is. Hij doet dat met de onjuiste bewering dat de brigade verslagen is omdat de vijand uitvoering van het Poolse plan verhinderde. De Polen konden een deel van hun taak wel degelijk uitvoeren. Ruim tweehonderd Polen konden de Britten rond Hartenstein versterken. Dinsdag 26 september zette Browning 1300 Polen in bij de bewaking van bruggen en verdediging van de Corridor. Ze hadden ruim 400 slachtoffers, onder wie 95 gesneuvelden. Hoekendijk beschouwt deze mythe als een meningsverschil. Wie feiten bestempelt als meningen maakt iedere discussie onmogelijk. 

Hoekendijk vindt dat het Duitse perspectief de Britse en Nederlandse mythevorming en de mythe ‘slag om Arnhem’ kan nuanceren met ‘Kämpfe im Raum Arnheim’ (gevechten in de omgeving van Arnhem).  Britten schreven overigens al over Battle of Arnhem en Battle at Arnhem (strijd bij of in Arnhem). Nederlanders hadden problemen met de vertaling.

Tegen betaling krijgt de toerist een gemythologiseerd verhaal voorgeschoteld.

Hoekendijk spreekt op zijn site na de discussie over 'het geallieerde grondoptreden in de operatie Market direct ten noorden en ten zuiden van de Neder-Rijn, ook wel bekend als de Slag om Arnhem 1944.'  Elders handhaaft hij echter gewoon ‘slag om Arnhem’.

Operatie Market ten noorden van de Neder-Rijn was echter 19 september mislukt. De Polen landden 21 september ten zuiden van de Neder-Rijn na mislukking van operatie Market ten noorden van de rivier. Overigens ook na mislukking van grondoperatie Garden een paar uren eerder ten zuiden van Elst.

 

8. dec, 2015

Gelderland wil oorlogsgeschiedenis gebruiken om meer toeristen te trekken. Gelderse oorlogsmusea, het toerismebureau RBTKAN en de provincie Gelderland willen meer aandacht voor het zogenaamde ‘herinnerings- of ‘herdenkingstoerisme’. (De Gelderlander, 7 dec. 2015). Ze hebben de Nijmeegse historicus Joost Rosendaal verzocht een plan te schrijven. Centra moeten Arnhem en Nijmegen zijn. Verwezen wordt daar onder meer naar hotel De Wereld in Wageningen (foto). Gedeputeerde J. J. van Dijk wil dat musea komen met nieuwe programmering, nieuwe feiten en nieuwe exposities. Merkwaardig is overigens dat juist deze instanties geen oog hebben en niet openstaan voor nieuwe feiten en inzichten. Gelderland presenteert zich nog steeds ten onrechte als het ‘Normandië van het Noorden’. Bekend is dat bij de zuivering van Zeeland en de Westerschelde voor een vrije toegang tot de haven van Antwerpen meer en langduriger strijd is geleverd. Bovendien heeft deze strijd geleid tot een positief resultaat. Bovendien geloven velen nog in de geschiedvervalsingen van een gemythologiseerde ‘slag om Arnhem’ en ‘capitulatie in Wageningen’. Het doel zou in de eerste plaats moeten zijn zorg voor het juiste historische verhaal.

 

Rosendaal presenteerde 5 januari 2016 in Arnhem een nota over het herinneringstoerisme. Deze had hij geschreven met Marc Wingens (Gelders Erfgoed) en Guus van Kleef (Omroep Gelderland). Zij boden de nota aan gedeputeerde J. J. van Dijk aan in het paviljoen over de slag om Arnhem aan de Rijnkade.

Gelderland moet aandacht besteden aan de laatste acht maanden van de Tweede Wereldoorlog.  Ze beweren zelfs dat deze provincie ‘het slagveld’ was in de periode tussen de in september 1944 mislukte ‘slag om Arnhem’ (beter: luchtlandingsoperatie Market ten noorden van de Neder-Rijn) en de bevrijding in april ‘en mei 1945’. Gelderland was overigens eind april vrijwel gezuiverd en 5 mei om 08.00 uur met de rest van Nederland bevrijd. Op dat tijdstip trad immers de capitulatie van de Duitse troepen in onder meer Nederland en Noordwest-Duitsland op de Lüneburger Heide in werking. Die acht maanden lijken nodig om aandacht te kunnen besteden aan het Rijnlandoffensief (beter: operatie Veritable als onderdeel van het geallieerde Rijnlandoffensief) in februari en maart 1945. 

Hoofdpunten in de nota zijn de vorming van twee samenwerkingsverbanden: rond de ‘slag om Arnhem’ en rond de strijd om de Waalbruggen. Elementen uit de Tweede Wereldoorlog die ook aandacht verdienen zijn ‘de capitulatie in Wageningen’; het onderduikdorp Aalten; de razzia in Putten en het Indisch Herinneringscentrum Bronbeek in Arnhem. Vernieuwing van het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek is noodzakelijk evenals de oprichting van een historisch Gelders kenniscentrum over de Tweede Wereldoorlog. 

Opmerkelijk is ook bij deze schrijvers van de nota het kritiekloze geloof in de geschiedvervalsingen van een gemythologiseerde ‘slag om Arnhem’ en ‘capitulatie in Wageningen’. Deze vervalsingen passen uiteraard helemaal niet in herinneringstoerisme. 

Instanties gericht op bevordering van oorlogs-, herdenkings- en herinneringstoerisme blijken nog steeds de ogen te sluiten voor nieuwe feiten en inzichten. Hun doel is dat het verhaal over de Gelderse oorloggeschiedenis beter wordt verteld, zelfs dat er één verhaal verteld wordt. Ze hebben daarbij meer oog voor de vorm dan de inhoud. Ze gaan immers voorbij aan de juistheid van dat verhaal. Daaruit moeten in ieder geval op korte termijn de geschiedvervalsingen van een gemythologiseerde ‘slag om Arnhem’ en ‘capitulatie in Wageningen’ verdwijnen. Het doel moet in de eerste plaats zijn zorg voor het juiste historische verhaal. 

18. nov, 2015

Sinds 1 december 2005 herdenkt Wageningen jaarlijks de sterfdag van prins Bernhard. De ceremonie bij de herdenkingsplaquette aan de muur van hotel De Wereld wordt 1 december 2015 dus voor de elfde maal gehouden. 

Wageningen aanduiden met Stad der Bevrijding of Bevrijdingsstad is een hardnekkige geschiedvervalsing. De capitulatie op de Lüneburger Heide van ook de Duitse troepen in Nederland op 4 mei 1945 trad 5 mei om 08.00 uur in werking. Heel Nederland was op dat tijdstip vrij. 

Ook Vrede van Wageningen 1945 is een geschiedvervalsing. Duitsland kon in 1945 geen vrede sluiten. De geallieerden erkenden immers de Duitse president en zijn regering in Flensburg niet. Uitsluitend militaire onvoorwaardelijke capitulaties waren mogelijk, zoals die op de Lüneburger Heide. In Wageningen vond 5 mei 1945 ’s middags slechts de ondertekening plaats van bevelen ter implementatie van die capitulatie op de Lüneburger Heide. Die bevelen gingen voornamelijk over het verstrekken van gedetailleerde informatie over militaire zaken. 

Het tekenen van een capitulatie in Wageningen; onderhandelen over en tekenen van capitulatievoorwaarden en de benaming ‘capitulatiezaal’ in hotel De Wereld zijn elementen van een derde geschiedvervalsing. Men herdenkt daar dus 1 december en 5 mei geschiedvervalsingen en geen historische overeenkomst.

Prins Bernhard had 5 mei 1945 geen enkele functie bij de implementatie in Wageningen van de capitulatie op de Lüneburger Heide. Montgomery’s Brits-Canadese legergroep moest die capitulatie op verschillende plaatsen afhandelen en zorgen voor ontwapening en terugtocht van de gecapituleerde Duitse troepen. 

Maandag 1 december 2014 had de herdenking geen duidelijke inhoud. Herdacht men prins Bernhard; zijn overlijden; zijn overlijdensdag of zijn aanwezigheid ‘bij het tekenen van de capitulatie in Hotel de Wereld’ (omroep Gelderland); ‘bij de onderhandelingen over de capitulatie van de Duitse bezetters in hotel De Wereld’ (De Gelderlander) of ‘bij het tekenen van de capitulatievoorwaarden in hotel De Wereld’; een ‘historische overeenkomst’ (burgemeester G. van Rumund)? 

Deze ceremonie is een goed voorbeeld van herdenken zonder besef van het juiste historische verhaal. Kennelijk een vorm van het nieuwe herdenken. Een in wezen beschamend, triest en zielig schouwspel.  

Gerelateerde artikelen:

1. Capitulatie Wageningen is een geschiedvervalsing. Blunders van Lou de Jong. http://www.kritischhistoricus.nl/415080040 

2. Capitulatie in Wageningen in mei 1945 is een geschiedvervalsing.  - http://historiek.net/capitulatie-in-wageningen-in-mei-1945-is-geschiedvervalsing/49371/ …

12. nov, 2015

In het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 in Groesbeek is van 20 november 2015 tot 1 juni 2016 de expositie De Polen. Bevrijders in Ballingschap te zien. 

Een paar kanttekeningen bij het persbericht en het artikel in De Gelderlander (12 nov. 2015) met onder meer onjuiste uitingen van reclame. Voorbeelden daarvan zijn ‘miskende Polen’, ‘een onderbelichte groep’ en ‘onvoldoende op waarde geschat’. Met een artikel vol onjuistheden en mythen eert het museum de Polen niet. De tentoonstelling lijkt een duidelijke plaats gekregen te hebben in het herdenkings- en bevrijdingstoerisme. Daarin is vrijwel geen plaats voor de te herdenken historische gebeurtenis of juiste historische informatie. Doel is de komst van zo veel mogelijk herdenkings- en bevrijdingstoeristen. Het gaat dus voornamelijk om economische doeleinden. Kennis en begrip van wat men herdenkt of viert is vrijwel niet aanwezig. Zelfs de wil lijkt te ontbreken de historische gebeurtenis te kennen en te begrijpen. Beleven, experience en ervaren hebben de plaats ingenomen van juiste historische informatie en kennis. 

Doel van operatie Market Garden was niet de bevrijding van Nederland, maar vestiging van een bruggenhoofd ten noorden van de Neder-Rijn met diepe uitlopers over de IJssel. Market Garden was dan ook geen bevrijdingsoperatie.

Generaal-majoor Sosabowski was bevelhebber van de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade; niet van ‘de Poolse luchtlandingstroepen die deelnamen aan de slag om Arnhem’. Zijn brigade landde 21 september 1944 bij Driel; dus twee dagen na het mislukken van de strijd bij Arnhem. Montgomery gaf hem niet de schuld van het mislukken van de zogenaamde slag om Arnhem, maar van het mislukken van operatie Market Garden. 

Sosabowski kan men werkelijk niet ‘stug’ noemen. Betere en juiste kwalificaties zijn een intelligente, besluitvaardige militair die gehecht was aan onafhankelijkheid en zelfstandigheid; graag zijn mening zei; belust was op discussie en onafhankelijkheid toonde. Hij was niet gemakkelijk in de omgang, zeker niet als anderen hem onterecht in een ondergeschikte positie probeerden te manoeuvreren. Hij liet dat dan terecht duidelijk en onverbloemd blijken. 

De 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade landde 21 september 1944 omstreeks 17.20 uur bij Driel; dus na het volledig mislukken van operatie Market Garden. Tanks van de Britse grondtroepen waren aan het begin van die middag ten zuiden van Elst vastgelopen op een Duits afweerscherm. Bovendien was het ontslag van Sosabowski geen persoonlijke of militaire zaak. Het was een middel voor de regering-Churchill om de Poolse regering in ballingschap in Londen onder zware druk te zetten. Churchill wilde van die Poolse regering erkenning van de nieuwe Poolse grenzen en samenwerking met de communistische Poolse regering in Polen. 

Eerbetoon aan miskende Polen is onjuist. Koningin Beatrix heeft 31 mei 2006 eerherstel verleend aan de 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade. Polen van 1ste Poolse Pantserdivisie zijn na de oorlog onderscheiden. Bovendien is de rol van de Polen niet onderbelicht of onvoldoende op waarde geschat in de literatuur. De 1st Polish Armoured Division zuiverde van 17 tot 20 september 1944 het oostelijk deel van Zeeuws-Vlaanderen. De divisie bood in oktober in West-Brabant flankdekking aan de Canadese 2de infanteriedivisie. De Polen zorgden in april 1945 in Oost-Nederland voor flankdekking voor het Britse Tweede Leger. 

De Poolse parachutisten begonnen geen gevecht vanuit Driel in Oosterbeek. Het 23 september in Overasselt gelande 1ste bataljon was 21 september door een communicatiestoornis teruggekeerd naar het Verenigd Koninkrijk. Het rukte na de landing uiteraard niet te voet op van Overasselt naar Driel. Dat is ronduit onzin. Het bataljon trok na de landing naar Malden en bracht daar de nacht door. De volgende dag werd het bataljon met drieënendertig vrachtwagens naar Valburg gebracht. Vandaar moest het lopend naar Driel. 

Poolse parachutisten van het 3de bataljon waren 22 en 23 september in rubberbootjes onder moordend Duits vuur de Neder-Rijn overgestoken. Zij moesten de Britten rond Hartenstein versterken. Zij deden dat niet tijdens, maar na het mislukken van  operatie Market Garden. In Oosterbeek lagen Britse troepen die uit Arnhem en ten noorden van Oosterbeek waren teruggedreven. Ze waren niet omsingeld. De zuidzijde naar de rivier hadden Duitsers immers niet in handen. Hier kon de evacuatie over de rivier plaatsvinden. 

De Polen waren niet betrokken bij de slag om Berlijn. Hoe komt men op de idee? Diegenen die deze blunder gebruiken, hebben werkelijk niets van de geschiedenis van Polen en de Poolse militairen tijdens de Tweede Wereldoorlog begrepen. Dat is nou miskenning van de Polen. Ze streden werkelijk niet aan de zijde van het Rode Leger. De 1ste Poolse Onafhankelijke Parachutistenbrigade en de 1ste Poolse Pantserdivisie streden in de Brits-Canadese legergroep onder bevel van Montgomery in Noordwest-Europa. 

Een nieuw persbericht met een juiste historische inhoud is niet alleen wenselijk, maar zelfs noodzakelijk.

Het Bevrijdingsmuseum reageerde 16 november 2015. De beweringen waarop ik reageer, komen niet uit het persbericht, maar uit een interview in De Gelderlander (12 november 2015). Het museum was ‘erg druk met de opbouw van de tentoonstelling’ en wil daarom te zijner tijd ‘wel toelichten waarom deze beweringen niet onjuist zijn’.  

Uiteraard ben ik zeer benieuwd naar die toelichting.  Verzocht is die zo snel mogelijk na de opening van de tentoonstelling te geven. Onjuistheden moeten immers zo snel mogelijk opgeruimd worden; zeker als het museum zelf die onjuistheden ontkent. Het wil kennelijk recht praten wat krom is. Zoals te verwachten was, heeft het museum deze toelichting niet gegeven.