17. feb, 2015

Herdenken werpt in Arnhem schaduwen vooruit

Burgemeester Herman Kaiser wil een jaarlijks herdenkingsspektakel van de mythe ‘slag om Arnhem’  met een evenement van groot en indrukwekkend formaat. Niet gehinderd door enige kennis van zaken vindt hij dat belangrijker dan een bevrijdingsfeest. Zelfs als dat aansluit bij Bevrijdingsdag 5 mei en past binnen herdenkings- en bevrijdingstoerisme. Er was immers gedacht aan een vlootspektakel, en vliegshow en een militaire optocht van het Korps Rijdende Artillerie. Er was dus meer gedacht aan publiekstrekkers dan aan de te herdenken of te vieren gebeurtenis. Tijdens de Brits-Canadese verovering van Arnhem van 12 tot 14 april 1945 was de stad grotendeels leeg. De Arnhemmers keerden pas in de zomer terug. Alsof al die Arnhemmers wel de strijd in en bij Arnhem hebben meegemaakte van 17 tot 19 september 1944. 

De burgemeester gelooft nog volop in het gemythologiseerde verhaal van de strijd bij Arnhem. Hij gelooft nog in een slag. Iedereen weet dat lichtbewapende luchtlandingstroepen zonder steun van artillerie, vliegtuigen en zware wapens geen slag kunnen leveren met een tegenstander met (pantser)voertuigen, tanks en zware wapens. Hij gelooft nog dat Arnhem een doel van de Britten was. De Britse doelen waren echter verovering van (een van de) bruggen over de Neder-Rijn bij Arnhem en vorming van een bruggenhoofd tussen de Westerbouwing en de spoorbrug bij Westervoort. De burgemeester gelooft zelfs nog in de Rijnbrug als een ‘brug te ver’ en icoon. De Britten konden vanuit hun defensieve posities slechts de noordelijke brugoprit onder vuur houden. De burgemeester weet niet dat de strijd in en bij Arnhem al binnen twee dagen was mislukt. Triest!